MIJMERINGEN

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

210723MijmeringIk ben nu dik 64 en zit in mijn laatste werkzame jaar voor een baas. Als ik op 1 mei 2022 stop met werken heb ik er bijna 46 jaar op zitten. Dat is langer dan mijn vader en opa’s en dat had ik niet verwacht aan het begin van mijn carrière. Toen had ik nog het idee dat ik ergens rond mijn 55e zou stoppen en het beter zou krijgen dan mijn ouders. Mijn beide ouders vonden dat ook een goed idee. Financieel heb ik het tot nu toe inderdaad beter gehad dan mijn ouders, al was de tijd toen wel anders. De verschillen tussen arm en rijk waren toen kleiner, zeker nadat de verzorgingsstaat in de jaren 60 en 70 was opgetuigd. Dat eerder stoppen met werken leek ook zo’n ideaal iets. Nu ik ruim tien jaar later pas de stekker eruit trek dan ik destijds voor ogen had, vind ik dit geen ramp. Sterker nog, ik ben blij dat ik nog kan werken.

Nu de pensionering naderbij komt krijg ik hoe langer hoe meer schrikmomenten over de toekomst. Van werken blijf je namelijk wel jong. Niet van lichaam -dat is al een tijd aardig bezig om af te takelen- maar zeker van geest. Ik werk bij een grote verzekeraar, die met z’n tijd mee wil gaan en dus investeert in vernieuwing en zijn medewerkers stimuleert te blijven leren. Ik heb er altijd een rol gehad die ergens tussen de ‘business’ en IT vertoefde, waarmee je dus altijd mee werd gezogen in de veranderingen. Als mens blijf je daardoor ook geprikkeld. Soms haal ik mijn schouders op en vraag ik me af waar we mee bezig zijn, maar net zo vaak verwonder ik me over wat de nieuwe wereld ons gaat brengen. Het feit dat je dit meemaakt en beleeft zorgt ervoor dat je geest dus actief is en achterlopen geen optie is. Als ik met pensioen ga, zal ik mezelf moeten prikkelen om geestelijk actief te blijven. Op zich zal ik daar zeker naar streven, maar in mijn werkzame leven werd je door de omstandigheden soms gedwongen over zaken na te denken, terwijl ‘in ruste’ ik mezelf moet prikkelen. In plaats van ’s ochtends rond 8 uur te starten met werken is het straks geen punt als ik eens tot 10 uur blijf liggen. En blijf ik wel met mijn tijd meegaan als ik niet dagelijks met mijn neus op nieuwe ontwikkelingen wordt gedrukt? In hoeverre is het belangrijk dat ik mee blijf gaan? Stilstand is achteruit gaan is een uitdrukking.

Ik zie in mijn omgeving zelfs nogal wat jongere mensen waarvan hun denkwereld in een status quo verandert vanaf het moment dat ze stoppen met werken. Ze kopen geen gadgets meer, keren terug naar LP en papieren krant, doen eindeloos nutteloze dingen als legpuzzels leggen en quizjes volgen op TV. Het lijkt erop dat de overvloed aan tijd zo nutteloos en leeg mogelijk moet worden ingevuld. Op een gegeven moment erkennen deze mensen dat ze achter lopen, maar vergoeilijken ze dit met de opmerking dat ze nu eenmaal op leeftijd zijn en dat het allemaal niet meer hoeft. Het is de nachtmerrie, waarvan ik bespaard wil blijven.

Ik zit er dus een beetje dubbel in. De triggers om jong te blijven door mijn dynamische werkomgeving verdwijnen als ik stop. Daarvoor in de plaats krijg ik vrijheid. Vrijheid waarbij veel minder van mij verwacht wordt. Dat klinkt aanlokkelijk, maar ook wel een beetje alsof je bij het grof vuil gezet wordt. Je moet er het positieve van inzien, zegt mijn omgeving. Eindelijk heb je de tijd -en gelukkig ook de middelen- om te doen waar je zin in hebt. De vraag is of ik eigenlijk wel weet waar ik zin in heb? Ga ik terug naar het begin van mijn carrière, dan zie ik dat ik toen eigenlijk ook niet wist wat ik wilde worden. Vandaar dat ik toen ook niet ben gaan studeren. Niet dat ik dit niet zou kunnen of mogen, maar ik had geen idee welke richting nu iets voor mij zou zijn. Een richting kiezen is namelijk andere richtingen uitsluiten en dat stond mij niet aan. Het voelt een beetje dat dit nu ook weer gaat gebeuren. Achteraf is het in mijn werkzame leven niet slecht afgelopen. Ik heb zaken gedaan en bereikt die ik vooraf niet eens verzonnen kon hebben. Gevolg is dat ik me tot de dag van vandaag nog afvraag wat ik wil gaan worden. Ondanks dat ik slechts vier werkgevers heb gehad, waarvan de laatste 30 jaar bij één verzekeraar, ben ik op geen enkel onderdeel specialist geworden. Ik zorgde ervoor dat ik van allerlei onderwerpen binnen het bedrijf net iets meer wist dan de gemiddelde gesprekspartner, waardoor ze vertrouwen in mij kregen. Vervolgens ging ik daarna met hun vragen aan de haal door deze voor te leggen aan jonge specialistische, slimme mensen wiens taal ik sprak en die ik het volste vertrouwen gaf. Ik bleef positief kritisch, waardoor deze gasten veel leerden. Voor deze slimmeriken was ik de brug naar hogerop. Dat vind en vond ik het meest waardevolle in mijn werkzame leven.

Tja, en nu over precies 9 maanden stop ik dus met die betaalde baan. Iedereen in mijn omgeving zegt dat ik me niet ga vervelen met mijn talrijke hobby’s en werkzaamheden buiten de werkkring. Dat dacht ik zelf aanvankelijk ook. Maar nu de datum dichterbij komt waarop ik geen verantwoording meer hoef af te leggen aan een baas en alle keuzes die ik ga maken uitsluitend eigen keuzes zijn, voel ik toch enige ongerustheid. Ondanks dat ik het ook wel vaak vervloekt heb dat mijn baas me bepaalde richtingen in wilde duwen, heeft dit toch veel gebracht.

Ik denk dat ik dat toch ga missen.


....And then one day you find ten years have got behind you.

No one told you when to run, you missed the starting gun (Pink Floyd